Maria slaat voor mij een brug tussen natuurreligie en katholicisme

Door Florieke Koers
Ik weet het nog precies. Ik was 8 jaar oud en lag op de eettafel van mijn vriendinnetje Erika met mijn ogen stijf dicht. Ik mocht me niet bewegen. Mijn gezicht stond model voor een van de beelden voor de nieuwe kerststal van onze kerk, wat ik natuurlijk heel spannend vond. De pastoor van de kerk stond naast de tafel, zijn handen helemaal wit. Naast me lag een stapel zachte lappen. Ook stonden er 2 bakken: één met water en één met gipspoeder. De pastoor haalde steeds een lap door het water en door het gips en legde die dan voorzichtig op mijn gezicht.

Hij ging daarmee door tot mijn hele gezicht bedekt was, zelfs mijn mond. “Je moet nog even blijven liggen hoor”, zei hij. “Het gips moet drogen.” Na een tijdje trok hij het inmiddels hard geworden masker van mijn gezicht en legde het voorzichtig op een krant. Ik deed langzaam mijn ogen open en keek vol bewondering naar het witte masker. Was ik dat? Ik kon het bijna niet geloven.

Het eindresultaat zag ik een paar maanden later, met kerstmis. De levensgrote beelden hadden prachtig beschilderde gezichten, pruiken, kleding en sluiers. Ze stonden in een houten stal, omringd met sparren vol lichtjes. Er waren zelfs een os en een ezel. In de gezichten van de beelden herkende ik verschillende parochianen, onder wie mijn vriendin Erika. Zij stelde de engel voor en hing hoog in de lucht. Ineens zag ik ook mezelf. Mijn beeld stelde een herderinnetje voor met een schaapje in haar armen. Wat was ik trots!

Inmiddels zijn we bijna 30 jaar verder. Ik ga nog zelden naar de kerk. Maar als ik ga, is dat met kerstmis. Het liefste ga ik dan naar de kerk uit mijn jeugd. Dan is het net of de tijd stil is blijven staan. Ik sta namelijk nog steeds in de kerststal. Heel bijzonder. Veel beelden zijn al vervangen, maar mijn gezicht is blijkbaar niet kapot te krijgen. Ik heb zelfs promotie gemaakt: mijn beeld stelt nu Maria voor. En dat vind ik nóg bijzonderder. Want Maria heeft een speciale plek in mijn hart.

Als ik vroeger met mijn ouders ging wandelen in het bos, stopten we altijd even bij een Mariakapelletje om een kaarsje op te steken. Ook in de kerk waren veel mensen Maria toegewijd. Bij haar stonden tientallen kaarsjes. Zo kwam ik als kind al met de katholieke Mariaverering in aanraking. Later werd dat nog versterkt doordat ik in Den Bosch ging wonen en in het centrum in een restaurant werkte. De meimaand is traditioneel Mariamaand en dan komen honderden pelgrims naar de Sint Jan om de ‘zoete lieve vrouw’ met een bezoek te vereren. Maria heeft niet alleen mijn hart, maar vele harten veroverd.

Daarnaast hebben mijn oma, mijn moeder en ik alle drie Maria in onze volledige naam. We zijn dus niet alleen via de genen, maar ook in naam met elkaar én met de belangrijkste vrouw in de verhalen rond Jezus Christus verbonden.

Ging ik als kind wekelijks naar de kerk, sinds ik volwassen ben, prakkiseer ik het katholiek geloof niet meer actief. Ik kan nog steeds van de rituelen in de kerk genieten, maar ik mis inhoudelijk de balans tussen het mannelijke en het vrouwelijke. Ik sloeg daarom een andere weg in: richting de oude natuurreligie, waar ik die balans wel vind. Wat betreft Maria heb ik wel een tijdje geworsteld met het feit dat de katholieke kerk haar heeft ontdaan van haar seksualiteit.

Maar ze liet me niet los en inmiddels kan ik daar wel doorheen prikken. Maria vertegenwoordigt mijns inziens in het katholieke geloof de moedergodin. Vele heidense godinnen werden door de christenen gekerstend. In Maria zie ik ze allemaal verenigd en via haar ook in mezelf.

De wortels die ik in de katholieke kerk heb, maakt het voor mij mogelijk de moedergodin in een concrete gedaante op te zoeken, stil te staan bij haar beeltenis en de kracht die ze uitstraalt. Haar bescherming te voelen. En daar ben ik dankbaar voor. Ik zie Maria nu als de vrouw die een brug slaat tussen de spiritualiteit uit mijn jeugd en die van nu: van katholicisme naar natuurreligie. En dus stop ik nog steeds regelmatig bij een Mariakapelletje om een kaarsje op te steken. En staat er een beeldje van haar op mijn altaar.

Sinds enkele jaren probeer ik in de yuletijd altijd even te gaan kijken bij ‘mijn’ Mariabeeld in de kerststal. En ook al weet ik dat mijn beeld heus een keer vervangen wordt, toch blijf ik hopen dat ik er nog wat jaartjes mag staan. Want ik voel mij daar toch best op mijn plek.